Jeu de boules

339 0 jeudeboulesballenBij Avanti-Wilskracht wordt sinds enige jaren Jeu de Boules gespeeld. Wat is "Jeu de Boules " ?? Onder lees verder komt meer te weten over de achtergronden van deze sport.

Dit is een buitensport, die over het algemeen met twee teams van twee & twee spelers wordt gespeeld. Deze teams worden verkregen door loting. Jeu de Boules is een sport voor jong en oud. De clubmiddag is maandag van 14.00 uur tot 16.00 uur met om 15.00 uur een koffiepauze. Eventuele nieuwe of nieuwsgierige bewoners van Glanerbrug e.o. zijn van harte welkom op ons sportpark "Het Zoutendijk" aan de Ekersdijk te Glanerbrug. Onze contributie bedraagt  3,50 per maand. Tevens wordt er door de leden 0,50 in de week gespaard voor andere activiteiten in het winterseizoen, zoals bijvoorbeeld het klootschieten.In de koude maanden wordt er in de kantine van Avanti-Wilskracht het spel "koersbal" gespeeld. Dit is een erg gezellig spel, welk door elke leeftijdsgroep gespeeld kan worden. Al met al denken wij, dat Avanti-Wilskracht ook met deze sport in een sportieve behoefte voorziet. Komt zien en overtuigt uzelf hiervan. Voor de eerste keer zijn de materialen aanwezig.

Voor meer info : W. Hendriks tel: 053-4613810 namens Avanti-wilskracht Gymnastiek / Afdeling Jeu de Boules.

Nog meer Jeu de boules. Het lijkt voor ons een simpel spelletje, maar voor de Fransen is het volkssport nummer 1: jeu de boules. Op zijn Frans: petanque. De bedoeling is eenvoudig: men gooie een klein houten balletje, de buut, zes tot tien meter van het beginpunt vandaan. Daarna probeert een ieder stalen ballen zo dicht mogelijk bij dat balletje te gooien. De stalen ballen hebben een doorsnee van 71 tot 80 millimeter en een gewicht van zeven tot acht ons. Er zijn een paar manieren om dat te bereiken, onder meer afhankelijk van de terreingesteldheid en de plek waar de ballen van de tegenstander liggen. De eenvoudigste is gewoon rollen. Een andere mogelijkheid is schieten (in het Frans tirer, een woord dat wel verhollandst wordt tot tireren). Hierbij houdt men de bal onder de hand geklemd om die met een hoge boog zo precies mogelijk te plaatsen. Een beetje backspin maakt dat de bal niet te ver door rolt. Men kan ook proberen op een bal van de tegenstander te schieten, als die te dicht bij de buut ligt. Men speelt één tegen één, tweetal tegen tweetal of drietal tegen drietal. In het laatste getal speelt elke speler met twee ballen, anders met drie ballen. Het beginpunt wordt aangegeven met een cirkel, waarbinnen de spelende speler staat. De eerste gooit de buut en dan de eerste bal. Dan poogt de tegenpartij dichterbij de buut te komen. Lukt dit niet, dan blijft deze partij aan de beurt tot het gelukt is of alle ballen op zijn. Komt de tegenpartij dichterbij, dan is de eerste partij weer aan de beurt tot die dichter bij ligt. Als een ploeg door zijn ballen heen is, mag de andere partij zijn resterende ballen nog gooien. Alle ballen van de winnende partij die dichter bij de buut liggen dan de dichtstbijzijnde van de tegenstander, tellen voor een punt. Er wordt net zo lang gespeeld tot een partij dertien punten heeft. Dat duurt soms meer dan twee uur. In een tournooi met meerdere rondes betekent dat dat soms geruime tijd gewacht moet worden tot alle wedstrijden gespeeld zijn. Een beetje Fransman heeft dar geen enkel probleem mee. Die pakt gewoon een glaasje pastis of rode wijn en gaat lekker zitten kijken. Tot slot: petanquemusea zijn te vinden in Saint-Bonnet-le-Chateau (ten westen van Lyon), waar Jean Blanc in 1927 uitvond hoe je holle stalen ballen kon maken, en Vallauris (bij Cannes). In Aiguines in de Gorges du Verdon (Alpen) is het Muse des Tourneurs gewijd aan antieke, gepotnagelde pétanqueballen.